rondjes

We dansen rondjes om elkaar – in deze tijd kunnen we ook niet zoveel anders. Houden handen vast in gedachten, proberen het leed met onze blikken te verzachten. Met onze armen uitgestrekt wachten we op de volgende stap, betreden de grond heel voorzichtig, laten ons niet verstikken, maar verwarmen door digitale woorden. We voelen elkaar niet echt, maar we horen nog, zijn elkaar nog niet verloren – nog steeds in evenwicht.

Lees Verder

thuis

God bezoekt ons vaak, maar meestal zijn we niet thuis

Visje

Ik doe al jaren met dezelfde maandkalender van Visje. Ik weet best dat de weken en dagen niet meer overeenkomen met de werkelijkheid, maar de spreuken die elke maand opnieuw voorbijkomen zetten me toch steeds weer aan het denken.

Lees Verder

Vuur

Een groene vuurzee strekt zich voor me uit, met pieken van rood en goud die glinsteren in de vlammen. Hier en daar ontwaar ik ook wat zilver, omdat je moeder het niet kon laten. Geen gezicht, zei je – ik hield mijn mond vol tanden.

Een groene slang kruipt aan ons voorbij. Ooit wist jij alle slangen te bezweren, maar nu probeert het monster jou te betoveren met zijn ingewikkelde choreografie. Hij hapt naar je enkels, windt zich om je benen, maar jij ontspringt zijn rituele dans.

Lees Verder

Ik ga op reis

Ik ga op reis en neem je mee, achter in de kofferbak. Vind je dat een goed idee? Ik ga op reis en pak je in, doe de koffer goed op slot. Weet je dan niet dat ik je bemin? Ik offer alles voor je op. Ik wil je houden, van je houden. Met je trouwen, in een paleis, op het schavot – kan me niet schelen. Al veins je onwetendheid, net alsof je me niet kent, ik weet: ooit komt er een moment dat je bij me wil zijn, niet uit noodzaak maar uit een verlangen naar vrijheid, want alleen bij mij ben je echt vrij. We gaan op vakantie, ver en lang; op de camping spelen we Risk en schaken we tot jij je gewonnen geeft en ik je in mijn armen sluit. Je fluistert zachtjes mijn naam – of heb ik dat verzonnen?

Lees Verder

Lief

Je aardigheid is selectief;
het is ook moeilijk om iedereen lief te hebben.
Als een dief in de nacht steel je haar aandacht
en neem je de mijne maar voor lief.
Het doet me toch ergens pijn te moeten weten
dat ik nooit jouw lieveling zal zijn,
omdat je mij al bent vergeten

Vicieuze cirkel

Het is een vicieuze cirkel
waar ik me niet graag in bevind.
Eerst het ruziën aan tafel,
het maakt niet uit wie er begint.
Want uiteindelijk weet je ’t al;
er wordt veel gezegd, maar niets gehoord.
Het is een vicieuze cirkel,
waarin de liefde wordt verstoord.

Lees Verder