goed

Ik weet niet wat ik schrijven moet. Mijn mond is droog, mijn tong is op. Misschien is het wel goed zo, moet ik rondjes blijven draaien, monologen produceren waar ik misschien wel wat van leer. Net zolang tot er iets komt, een verhaal of een gedicht – zal ik zwichten voor mijn woorden, uit evenwicht raken, even stoppen en me dan herpakken. Zak ik dieper weg, dan is er wel weer een verlossende zin, schrijf ik opnieuw, terwijl mijn hoofd blijft malen, maai ik het gras onder mijn voeten vandaan. Beginnen we weer van voren af – aan gaat het licht en is alles precies zoals het zijn moet. Hoe gaat het met je? Vraag je, ongelogen zeg ik “goed”.

Sponsored Post Learn from the experts: Create a successful blog with our brand new courseThe WordPress.com Blog

WordPress.com is excited to announce our newest offering: a course just for beginning bloggers where you’ll learn everything you need to know about blogging from the most trusted experts in the industry. We have helped millions of blogs get up and running, we know what works, and we want you to to know everything we know. This course provides all the fundamental skills and inspiration you need to get your blog started, an interactive community forum, and content updated annually.

nacht

Moeten we wachten tot de nacht verdwijnt, schuilen voor de regen? Of meehuilen met de sterren en onze tranen wegvegen zodra de zon weer schijnt, wie zal het zeggen?

Moeten we alles maar verdragen, terwijl de vragen zich opstapelen en dan toch steeds verdergaan, onze moed bijeenrapen, maar blijven hopen op een einde dat nooit komt – blijven draaien om de zon en om elkaar, zelfs als het zwaar of misschien zelfs wel niet waard is. Heeft het zin te blijven vechten?

Ja, zeg ik. Ja, voel ik zo overduidelijk dicht als ik bij je ben. Maar ook mijn nee heeft een wil en soms sta ik stil bij alle onmogelijkheden; van ver af is alles zo’n rotzooi, zo onaf, zo gebroken, zo verschillend, maar ik wil niet die kilte, dat duistere gat vol met vragen – genade! Geef me adem!

De consequenties van ongemaakte keuzes drukken op mijn borst, ik worstel me los maar ben zelden echt vrij. Wachtend op het verlossende woord maar zelf niet wetend hoe het klinkt, verzin ik me een uitweg, balancerend op een koord tussen licht en duister in.

Ving jij mij nou op, liet je mij nou niet gaan, gaf jij je over aan de nacht om naast me te staan? Kijk ik nu in je ogen en zie ik in het zwart van je pupillen lichtpuntjes schijnen die mijn angsten verstillen? Wil ik niet zo verder – nee, maar liever met jou. Wil ik jou niet nog zo vaak horen zeggen hoeveel je van me houdt?

Laten we niet stilstaan, wachtend op een nieuwe dag, maar zelf aan de slag gaan met verf en met kwast. Samen kleuren we ons leven in, krijgt alles een plekje en misschien zelfs weer zin. Misschien kijken we ooit naar die muur vol met vlekken en herkennen we onszelf in alle donkere plekken, maar weten we ook dat hoe hoger we kwamen, de nacht steeds wat lichter werd en de kleuren zich vermengden tot een prachtig lichteffect – want we deden het samen.

Op onszelf

op onszelf

Ik houd mezelf voor de gek wanneer ik zeg dat ik graag op mezelf ben, want dat ben ik helemaal niet. Eenzaam een maaltijd opeten die ik zelf heb gekookt met mijn bord op schoot en een serie op TV – wie houd ik voor de gek, wat moet ik ermee, met al die leegte om me heen?

Lees Verder

HOUD

Ik houd je, houd je vaster dan de angst jou te versmoren of verliezen; harder dan de woorden in je oor en zoveel liever; langer dan de dagen dat we samen zijn, dan ik klein in jou en jij in mij wroet, vertroetel en verteder; hoger dan de hoop dat alles goed komt en zoveel beter.

Lees Verder

only

let me write a song to explain the pain away to make sense of it all something about the fall of Adam and Eve go to sleep watch the apple and the tree only to get it all wrong

Lees Verder

sneeuw

Ik wachtte tot de sneeuw weer zou gaan liggen, maar het bleef dwarrelen, mij verblinden. De wind blies vlokken in mijn ogen en ik leefde op de tast, zocht je hand nog in het donker. Wachtend op een wonder, op de storm die over zou waaien, op een wereld die voor even niet meer draaide. Misschien zelfs wel iets heel banaals, zoals een grasspriet onder bedolven land. Misschien zelfs wel iets heel vluchtigs, zoals luchtkastelen van zand.

Lees Verder

leven

Ik word moe van al dat denken, al dat willen. Ik wil weg van mezelf, van het verlangen naar kennis, naar geluk, naar leven in al zijn volheid, want mijn gedachten falen nergens vind ik rust.

Lees Verder

klein

Maak ik je te klein, pas je zometeen alleen nog maar in mijn hand, laat ik je benen bungelen over de rand, knijp ik je per ongeluk fijn.

Lees Verder

knuffels

Misschien wordt het weer tijd om met knuffels te slapen, om mezelf tot rust te sussen met moederlijke woorden – ik weet precies wat ik moet horen om het vuur te blussen, mezelf bijeen te rapen. Waarom zeg ik dan zo weinig?

Misschien wordt het weer tijd om het licht te doven, onder de dekens te kruipen, opnieuw in Sinterklaas te geloven en jeukende truien te dragen die oma voor me breit.

Lees Verder

kind

Ik wil terug naar dat kind op de balustrade, dat zorgeloze zorgen maken, denken in zwart-wit omdat de grenzen nog zo helder waren.

Mooie woorden redden me niet langer, dat verlangen naar waarheid trek de teugels nog wat strakker aan;

ik snak naar oprechtheid, maar soms maakt het goede me bang. Maar wat moet ik dan wat moet ik dan? Rennen

Lees Verder