kwetsbaarheid (tot die tijd)

Uiteindelijk maakt het niet meer uit wat recht en wat krom is, wat gelijk en wat dom is. Zolang we maar begrijpen waarom we voelen wat we soms voelen, blijven stijgen in elkaars achting en verwachten dat er ooit een moment komt waarop we niet meer bedoelen maar alleen maar zijn – zijn in elkaars aanwezigheid waar tijd niet langer relevant en ruimte slechts verzonnen is.

Lees Verder

nacht

Moeten we wachten tot de nacht verdwijnt, schuilen voor de regen? Of meehuilen met de sterren en onze tranen wegvegen zodra de zon weer schijnt, wie zal het zeggen?

Moeten we alles maar verdragen, terwijl de vragen zich opstapelen en dan toch steeds verdergaan, onze moed bijeenrapen, maar blijven hopen op een einde dat nooit komt – blijven draaien om de zon en om elkaar, zelfs als het zwaar of misschien zelfs wel niet waard is. Heeft het zin te blijven vechten?

Lees Verder

rondjes

We dansen rondjes om elkaar – in deze tijd kunnen we ook niet zoveel anders. Houden handen vast in gedachten, proberen het leed met onze blikken te verzachten. Met onze armen uitgestrekt wachten we op de volgende stap, betreden de grond heel voorzichtig, laten ons niet verstikken, maar verwarmen door digitale woorden. We voelen elkaar niet echt, maar we horen nog, zijn elkaar nog niet verloren – nog steeds in evenwicht.

Lees Verder

Verveeld

Al het bijzondere is gewoon geworden, ik verveel me in jouw ogen die alles al hebben beleefd en bewogen. Wat zijn we al snel op elkaar uitgekeken, naar de schermpjes voor ons uitgeweken, omdat we onverzadigbaar zoeken naar iets dat dat gevoel weer in ons op kan roepen.

Lees Verder