hazensprong

Je wijst me af in full HD, ik zie het
gebeuren: jouw verveling
roodgloeiend in mijn netvlies gegrift.
Mijn golven erkenning bereiken
niks. Ik volg je overal, verfoei mijn
tot vergeving bereid zijn wanneer
je slechts een stapje tot mij doet.
Ik dicht je toch bij mij? Vlecht je
toch in mijn verhaal, ook al
moet je niets van mij weten? Ik trek je,
verlang je, maak je bang om
tot mij te naderen – want mijn
genade ontvang je pas wanneer
je hazensprongen maakt.

Lees Verder

kind

Ik wil terug naar dat kind op de balustrade, dat zorgeloze zorgen maken, denken in zwart-wit omdat de grenzen nog zo helder waren.

Mooie woorden redden me niet langer, dat verlangen naar waarheid trek de teugels nog wat strakker aan;

ik snak naar oprechtheid, maar soms maakt het goede me bang. Maar wat moet ik dan wat moet ik dan? Rennen

Lees Verder

Vandaag

Ik kan mijn fouten maar moeilijk verteren. Ze blijven steken in mijn keel, hopen zich op in mijn buik. Ik weet niet wat het is, misschien een onbekende allergie die ik oproep wanneer ik iets stoms doe. Mijn hele lichaam schreeuwt het uit, heeft het op mij gemunt; hoe heb je nou ooit zoiets doms kunnen doen? De angst vult mijn longen, de schaamte rolt zich op in mijn maag. Ik had beter moeten weten, een ander was dit nooit overkomen. Maar vandaag, vandaag dacht ik niet na.

Lees Verder